Onze sportclub is een Nederlandstalige club waar iedereen welkom is. Om elkaar goed te
begrijpen en samen een warme club te vormen, gebruiken we het Nederlands als verbindende
clubtaal. We hebben respect voor alle talen en culturen, en zien sport als een kans om
Nederlands te leren en te oefenen.
1. Nederlands is onze gemeenschappelijke clubtaal
Het Nederlands is de standaardtaal in onze sportclub. We gebruiken het Nederlands in
alle communicatie: mondeling, schriftelijk en digitaal.
Iedereen – clubmedewerkers, leden en ouders – doet inspanningen om Nederlands te
spreken.
Andere talen kunnen een hulpmiddel zijn, maar geen alternatief voor het Nederlands.
2. Duidelijke en begrijpelijke communicatie
We communiceren in duidelijk, eenvoudig Nederlands.
We gebruiken waar nodig visuele ondersteuning (beelden, pictogrammen, voorbeelden).
Schriftelijke communicatie (website, e-mails, WhatsApp, sociale media…) gebeurt
uitsluitend in het Nederlands.
Praktische afspraken via groepschats verlopen uitsluitend in het Nederlands.
3. Respect en laagdrempeligheid
We hebben respect voor alle moedertalen en culturen.
Wie (nog) weinig Nederlands spreekt, is welkom en wordt ondersteund.
We creëren een positief en veilig klimaat waarin iedereen Nederlands kan oefenen.
Fouten maken mag: leren staat centraal.
4. Gebruik van andere talen: enkel als ondersteuning
Als communicatie in het Nederlands niet lukt:
proberen we eerst visuele of eenvoudige taalondersteuning;
daarna kan tijdelijk een gemengde communicatie gebruikt worden;
pas in laatste instantie schakelen we kort en individueel over naar een andere taal;
5. Engagement van iedereen
Clubmedewerkers (bestuur, trainers, vrijwilligers) geven het goede voorbeeld en
stimuleren Nederlands actief.
Leden gebruiken onderling en met begeleiding zoveel mogelijk Nederlands.
Ouders doen inspanningen om Nederlands te gebruiken binnen de club.
We moedigen het gebruik van vertaalapps aan als tijdelijke ondersteuning (bv. Google
Translate, DeepL).



